Even was ik vreemdeling in eigen land

Bijna een jaar geleden leefde de wereld toe naar het WK voetbal. Normaal gesproken zou overal het Oranjegevoel tot leven komen. Vorig jaar even niet, want Nederland deed niet mee…

Toen duidelijk werd dat het Nederlands elftal niet mee zou doen, haalde ik mijn schouders op. We waren niet goed genoeg. En ik zou vast en zeker van andere landen kunnen genieten. Maar tijdens het WK miste ik het Oranjegevoel enorm. De oranje vlaggen in de straat. Samen juichen en balen met vrienden en familie. Het wij-gevoel dat er alleen is als Oranje speelt en als er een aanslag wordt gepleegd.

Een deel van ons land was wél in een WK-stemming. Hier in de Utrechtse wijk waren het vooral Marokkanen. Zij hadden zich wel geplaatst. Dat gold ook voor Iran. Omdat het land sinds 1979 een islamitische staat is, telt ons land inmiddels veel Iraanse vluchtelingen die de islam afwijzen. Een deel van die Iraniërs komt op zondag naar onze kerk. Een Iraniër nodigde de kerk uit om de komende week in een buurtcentrum – tijdelijk omgetoverd in een Iraans café – de wedstrijd Iran-Spanje te kijken.

‘Leuk!,’ dacht ik toen nog. Hunkerend naar dat Oranjegevoel zag ik het helemaal voor me. Negentig minuten lang Iraniër zijn, met hen meeleven en als het even kan meejuichen.

Ik weet nog goed dat ik ergens in Utrecht op zoek ging naar die ‘Iraanse kroeg’ vol gezelligheid. Het was even zoeken. Omdat de wedstrijd al was begonnen zat iedereen binnen. Lang leve Google Maps! Stilletjes hing ik mijn jas op aan de kapstok. Zenuwachtig waren alle Iraanse ogen gefocust op het beeldscherm. Mijn komst werd duidelijk niet opgemerkt.

Tijdens de wedstrijd stelde ik mij voor aan mijn Iraanse buren. Ik vroeg of ze zenuwachtig waren en of ze dachten dat Iran kans zou maken om te winnen. Het ijs werd niet gebroken… Er zat niets anders op dan naar het beeldscherm kijken. Om mij heen werd in het Farsi de wedstrijd geanalyseerd.

De scheidsrechter floot. Het was rust. Ik zag een Nederlands meisje zitten. Eindelijk iemand om mee te praten. Ik ging naast haar zitten. Ze was die avond meegekomen om haar Iraanse vriend te steunen. Na de pauze ging alles op oude voet verder. In het Farsi werden alle emoties geuit. In het Farsi boden mensen elkaar een hapje en een drankje aan. In het Farsi werd verteld dat Iran best goed voetbalde.

Het eindsignaal klonk. Spanje won de wedstrijd met 0-1. Iran heeft het goed gedaan en had grote kansen op de gelijkmaker. Iedereen ging naar buiten om de nederlaag te verwerken en na te praten over de wedstrijd. In het Farsi. Ongemakkelijk keek ik naar links en naar rechts. Geen Nederlander te bekennen. Ik pakte mijn jas, sloop stilletjes weg en fietste weer naar huis.

Het is heel lang geleden dat ik mij vreemdeling voelde ik eigen land. Op de fiets dacht ik aan al die duizenden vluchtelingen die de taal niet spreken, maar wel Nederlander willen zijn. Ik dacht aan dat stel dat op zondag naar een nieuwe kerk gaat en door niemand wordt aangesproken. Vreemdeling zijn in je eigen land. Dat voelt minstens als een 0-1 nederlaag op het WK voetbal.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s